“Le rien est de immense oreilles »
(Paul Valery)
Picknicken kun je in wezen overal. Het enige dat je daarvoor wenst is de nodige vrije natuur; toegankelijk
voor jou, als mens, en niet alleen voor broedvogels. Weg van alle strakke kaders en keurslijven van het
dagelijks bestaan.
Waar vind je een treffender raakpunt dan hier., met aan de ene kant van de dijk de vrijwillige
gevangenschap van een omheind vakantie -getto, en aan de andere kant de vrije oneindigheid van lucht,
vogels en water?
Het voormalig Peilhuis bevindt zich precies op die grens, op dat scherpe vlak tussen die twee uitersten.
Een soort niemandsland.
En precies zo staat het er bij: leeg, verlaten, en functieloos, ten prooi aan vandalisme.
En precies zo staat het met de kunst; zij hoort nergens bij, laat zich door niets of niemand “inlijven”.
Zij vult haast vanzelf de leemten in onze maatschappij, completeert onze wereld met het voorzichtig
vullen van de overgebleven hoekjes en gaten, daar waar een ander ze laat liggen.
Le rien est immense voor wie er oor voor heeft.
Juni 2002
Wido Blokland